Van oud naar nieuw, wat wordt je eerste nieuwe WHS handicap?

In 2021 wordt je speelsterkte met een nieuwe maat gemeten, je WHS handicap. Deze wordt berekend als het gemiddelde van je beste 8 dagresultaten van je laatste (= meest recente) 20 rondes. Dat is een rekenexercitie die de computer voor je doet. Het resultaat wordt op je (digitale) golfpas vermeld.
Alle geregistreerde Q-kaarten / wedstrijden vanaf 2016 worden meegenomen, maar wat nu als je geen 20 kaarten en/of wedstrijdresultaten hebt?
In dat geval wordt je handicap vastgesteld – en steeds bijgesteld – op basis van het schema hieronder

oorbeeld: je hebt 10 kaarten. Je nieuwe WHS handicap wordt dan het gemiddelde van je beste (= laagste) 3 scores.
Als je vervolgens een nieuwe kaart loopt is dat je 11de. Je handicap wordt nog steeds berekend als het gemiddelde van de laagste 3 scores. Zie het schema hierboven. Speel je je 12de kaart, dan wordt je handicap het gemiddelde van je laagste 4 scores. Op die manier doorloop je bovenstaand schema tot het moment dat je 20 kaarten hebt. Vanaf dat moment wordt je WHS handicap op de normale wijze berekend als het gemiddelde van je beste 8 resultaten uit de laatste 20 rondes.

Heb je nog heel weinig kaarten (maximaal 5) dan wordt je handicap in eerste instantie je laagste score, eventueel nog met 1 of 2 punten verlaagd. Vervolgens kom je met het lopen van meer kaarten steeds verder in het schema met de bijbehorende berekening van je handicap.

Bij weinig kaarten kan je handicap met het spelen van een nieuwe ronde flink fluctueren. Naarmate je dichter bij de 20 kaarten komt zullen de schommelingen kleiner worden.